Artikel

Hoe lossen we het tekort aan duurzame engineers op?

27 dec 2018 - 4 min leestijd

Header image

CO2-reductie, circulariteit, klimaatakkoorden: duurzaamheid is een hot topic. Dat is ook te merken op de arbeidsmarkt, waar steeds meer behoefte is aan mensen met kennis over duurzaamheid, bijvoorbeeld op het gebied van engineering.

In 2035 is de stad Groningen energieneutraal. Althans, dat is de ambitie. Engineer Jasper Tonen, tot voor kort via Yacht werkzaam bij de gemeente Groningen en inmiddels in dienst bij de gemeente, heeft er een dagtaak aan om de koers voor die ambitie uit te stippelen. “Het is enorm complex, onder andere omdat we in de stad veel verschillende woningen hebben. Zeker voor de oude binnenstad wordt het heel moeilijk om van het gas af te gaan.” Een extern bureau maakt met behulp van modellen allerlei scenario’s. Samen met dat bureau en de woonwijken bepaalt Tonen welke input nodig is en hoe de resultaten kunnen worden vertaald naar de praktijk. “Welke technieken zijn ervoor nodig, werkt het op lange termijn, wat zijn de kosten en is het voor de bewoners en de maatschappij acceptabel? Zo zijn we voortdurend bezig om per wijk naar oplossingen te zoeken.”

Chemie, energie en industrie

Groningen is bepaald niet de enige gemeente met duurzame ambities en ook het bedrijfsleven zit niet stil als het gaat om verduurzaming. Tonen ziet het bij hem in de regio, waar een cluster van bedrijven zoals DSM en Akzo Nobel zijn chemie biobased circulair wil inrichten. Met andere woorden: hoe kunnen ze hun moleculen bouwen met bestaande reststromen? Het afval van de een is grondstof voor de ander. “Technisch gezien kan er al heel veel. Ook kostentechnisch komt het steeds meer in de buurt van wat acceptabel is.”

De industrie is nog wat conservatief en denkt lineair economisch: als het te duur is, doet ze het op de oude manier.

Conservatieve industrie

Ir. Daniël Poolen beaamt het beeld dat engineer Tonen schetst. Poolen, zelf ook engineer, werkt als projectcoördinator duurzaamheid bij engineersbranchevereniging KIVI en doet in die hoedanigheid geregeld enquêtes onder (aankomende) engineers in verschillende sectoren. “Je ziet heel duidelijk dat duurzaamheid bij chemie en energie belangrijk is. De industrie is nog wat conservatief en denkt lineair economisch: als het te duur is, doet ze het op de oude manier.” Die markt mag dan achterlopen, maar de werknemers willen wel heel graag. “De industrieel ontwerpers zelf, ook op de technische universiteiten en de hogescholen, willen juist zoveel mogelijk circulaire principes toepassen.”

Er zijn veel meer vacatures waarin duurzaamheid een rol speelt.

Vraag naar duurzame engineers blijft toenemen

Dat de tijd van praten over duurzaamheid zo langzamerhand voorbij is en het moment van actie is aangebroken, is ook terug te zien in vacatures. Yacht deed onderzoek naar vacatures die tussen januari 2016 en juli 2018 online zijn geplaatst. “We hebben daarbij specifiek gekeken naar duurzaamheid”, vertelt Jan Putting, Business Development Manager Engineering bij Yacht. “Het aantal vacatures waarin wordt gesproken over duurzaamheid is gestegen van 9 naar 13 procent. Daarnaast is ook het aantal vacatures gestegen, van 2.006 naar 4.600 per kwartaal. Als je de procentuele stijging over die stijging van het absolute aantal vacatures in aanmerking neemt, kun je concluderen dat er veel meer vacatures zijn waarin duurzaamheid een rol speelt.”

In 13 procent van de vacatures voor engineers wordt gesproken over duurzaamheid.

Vraag is drie keer zo groot als aanbod

Het einde van die stijging is nog niet in zicht, verwacht Putting. “Je mag er vanuit gaan dat duurzaamheid steeds belangrijker wordt en we een versnelling moeten maken. De curve zal dus steeds steiler worden.” Daar zit wel een probleem, want er is een fors tekort aan engineers. Putting: “In het tweede kwartaal van 2018 was de vraag naar engineers drie keer zo groot als het aanbod. Voor een flink aantal disciplines is de vraag zelfs vijf of meer keer zo groot. Als je dan bedenkt dat de vraag naar duurzame engineers zo is gestegen en je relateert dat aan die schaarste, dan kun je stellen dat het een enorme uitdaging wordt om die vraag naar duurzaamheid in te vullen.”

De schaarste voor de functiegroep Engineer Electrotechniek in Nederland, Q3 2018. De spanningsindicator is hier 4,6. Yacht Insights on Professionals.

Opleidingen blijven achter

Bijscholing en opleiding kunnen een oplossing zijn om (deels) aan die vraag te voldoen, maar zo simpel ligt het helaas niet. De aandacht voor duurzaamheid blijft nogal achter bij opleidingen, constateert Daniël Poolen. “Je zou de maatschappelijke ambities voor 2050, met al die klimaatakkoorden, moeten terugzien in de lespakketten, maar dat is niet zo. Het blijft vooralsnog beperkt tot een project of een bijvak. Universiteiten en hogescholen zeggen wel dat ze ermee aan de slag willen, maar ze blijven hangen in akkoorden en intentieverklaringen.”

Hoe word je een duurzame engineer?

Yacht heeft veel aandacht voor duurzaamheid om optimaal te kunnen inspelen op wensen van opdrachtgevers en professionals. “De ontwikkelingen in de techniek gaan razendsnel, dus het anticiperen op die veranderingen wordt steeds belangrijker”, zegt Jan Putting. “Als je daar je ogen voor sluit, kun je voordat je het weet niet meer meekomen. Dat geldt ook voor de engineer zelf. Duurzaamheid zit hem namelijk ook in de relatie met zijn opdrachtgever. Ik vind daarom dat de techneut goed moet nadenken over hoe hij fit is voor de dag van morgen. Het is belangrijk dat hij daar zelf goed naar kijkt en keuzes in maakt. Waarin moet en zou ik me willen bijscholen, welke volgende baan of opdracht heeft voor mij de juiste uitdaging? Ik zeg altijd: "Je staat aan het roer van je eigen carrière, en Yacht gaat daarover graag met je in gesprek.” 

Duurzaamheid in de lesprogramma’s

Jan Putting kan de vertraging bij opleidingen wel verklaren. “Techniek is ontzettend breed. Neem het klimaatakkoord, dat onder andere gaat over elektriciteit, landbouw, industrie en mobiliteit. De technieken die daarachter zitten, lopen enorm uiteen.” Het is niet eenvoudig om duurzaamheid van de ene op de andere dag in al die opleidingsprogramma’s te verwerken, wil hij maar zeggen.

Poolen blijft zich er desalniettemin namens het KIVI hard voor maken dat docenten met elkaar om de tafel gaan zitten om duurzaamheid in het lesprogramma op te nemen.” Dat moet van breed en hoog over tot praktisch en toegepast, betoogt hij. “Bijvoorbeeld dat studenten leren wat de maximale draagkracht is van een oude, gebruikte balk, in plaats van standaard te leren werken met nieuwe materialen.”

Het is belangrijk dat aandacht voor duurzaamheid en circulariteit in alle lagen van het educatiesysteem terugkomt.

Kennis loopt achter

Jasper Tonen sluit zich bij dat betoog aan: “Het is belangrijk dat aandacht voor duurzaamheid en circulariteit in alle lagen van het educatiesysteem terugkomt. Neem de cv-ketel, die zal langzaamaan worden vervangen door een hybride warmtepomp of volledige warmtepomp. De technologie daarvan zit door alle lagen van ons onderwijssysteem, van mbo tot wo. Maar de kennis daarover loopt nog een heel stuk achter. Mijn vrouw en ik hebben recent een huis laten bouwen en daarin wilden we een warmtepomp. De installateur die bij ons project betrokken was, wilde dat wel doen, maar het kostte wel twee keer zoveel als het zou moeten kosten. Ondanks dat hij zei dat hij het wel kon, merkten wij aan zijn verhaal en de prijs die hij neerlegde, dat hij eigenlijk het liefst een normale cv-ketel wilde installeren. Als we het anders wilden, was dat prima, maar dan betaalden we wel de hoofdprijs.” Uiteindelijk betrok de aannemer een andere installateur bij het project, mede omdat hij het zag als kans om ervaring op te doen.

Niet overdrijven

Tonens ervaring dateert van anderhalf jaar geleden, dus inmiddels is er wel weer wat progressie geboekt, maar de installatiebranche is nog niet klaar voor de warmtetransitie. “De installateurs moeten natuurlijk ook gewoon hun dagelijkse boterham verdienen en dan moeten ze tussendoor iedereen omscholen. Ik denk dat er nog wel wat extra aandacht voor mag komen om die branche te helpen.”

En de andere branches? Zijn engineers daar wel klaar voor de energietransitie? ‘Klaar’ is een groot woord, maar we moeten nu ook weer niet al te zenuwachtig doen over al die nieuwe technieken, zegt Tonen met Groningse nuchterheid. “De technieken bestaan al, ze moeten alleen anders worden toegepast, maar zo anders is het nou ook niet. Volgens mij is het goed om te beseffen, ook voor engineers zelf, dat het werk wel een beetje zal veranderen, maar we moeten het ook weer niet overdrijven.”

Bron: Yacht Engineering Onderzoek 2018

Avila Lindgren, de duurzaamste Engineer van Nederland

The Challenge is de zoektocht van het Financieele Dagblad en Yacht naar de beste professionals in een bepaald domein. Op woensdag 21 november vond The Challenge Engineering plaats in De Fabrique in Utrecht. Tijdens The Challenge bogen de drie finalisten Onno Sminia, Alex Trijselaar en Avila Lindgren zich live over een klimaatcase van KIVI. Ook hier was duurzaamheid dus een belangrijk onderwerp. De professionals werden beoordeeld door een jury en het publiek. De jury bestond uit Diederik Samson (energiedeskundige), Edouard Schneiders (Team leader bij Delft Hyperloop), Frank Biesboer (hoofdredacteur De Ingenieur) en Daniël Poolen (projectcoördinator duurzaamheid bij KIVI). Het was uiteindelijk Avila Lindgren die met de prijs en een opleidingsbudget van 5000 euro naar huis ging. Zij heeft een methode ontwikkeld om bio-brandstof van algen te koppelen aan het zuiveren van Caribisch industrieel afwater; een win-win op meerdere vlakken.

Kijk hier de livestream van het event terug

Gerelateerde artikelen & blogs

Gerelateerde evenementen